Voor bedrijfshallen, kantoren en distributiecentra is een complete, kwalitatieve infrastructuur van levensbelang. Van den Heuvel Engelen Infra weet als specialist wat daar allemaal bij komt kijken. Wij zijn uw partner, adviseur en uitvoerende bij alle infra-aspecten die bij (nieuwe) huisvesting om de hoek komen kijken.
Een groot deel van ons werk op het gebied van utiliteitsbouw is het verzorgen van alles van infra tot groen bij de realisatie van bedrijfspanden en dan met name distributiehallen. Die schieten in Nederland als paddenstoelen uit de grond en wij hebben daar al heel wat projecten van mogen uitvoeren.
Om maar eens wat getallen te noemen: tot nu toe hebben we meer dan 100 infraprojecten opgeleverd op het gebied van grote bedrijfspanden / distributiecentra met een totaal bewerkt oppervlak van meer dan 750.000 vierkante meter! In deze projecten hebben we ruim 1 miljoen m3 grond verzet, 350.000 m2 straatwerk gerealiseerd en 100.000m2 groen aangelegd.
We hebben inmiddels veel kennis en ervaring op gebied van utiliteit. Dat blijkt heel duidelijk als we bij de aanvang van nieuwe projecten samen met de opdrachtgever over het terrein lopen. In de meeste gevallen kunnen wij dan veel aandachtspunten noemen die de uitvoerder/opdrachtgever nog niet heeft gezien.
Opdrachtgevers zijn dan ook zeer te spreken over onze aanpak. Ze werken graag met Van den Heuvel Engelen Infra en waarderen vooral de kwaliteit en werkhouding van onze mensen, de zelfstandigheid waarmee ze werken en de inzet van onze moderne machines.
Bij utiliteitsbouwprojecten met zettingsgevoelige ondergrond analyseren wij de bodemkwaliteit op basis van geotechnische input en projectdata. Als Van den Heuvel Engelen Infra bepalen we op basis daarvan welke grondverbeteringsmaatregelen en funderingsmethodieken noodzakelijk zijn om een stabiel bouwvlak te realiseren dat voldoet aan de eisen van de constructeur en bouwteam.
Onze aanpak bij bouwrijp maken op zwakke grond omvat:
Door onze integrale aanpak vermijdt de opdrachtgever risico’s op ongewenste zettingen tijdens bouw én exploitatie.
Bij veel utiliteitsbouwprojecten in Nederland (zoals distributiecentra en bedrijfshallen) is heiwerk noodzakelijk om een stabiele fundering te realiseren. Voordat een hei-installatie kan starten, moet het terrein technisch geschikt zijn voor funderingswerkzaamheden.
Als Van den Heuvel Engelen Infra zorgen wij ervoor dat het terrein:
Waar nodig passen wij grondverbetering toe om de ondergrond geschikt te maken voor heiwerk. Bij zettingsgevoelige of slappe grond zorgen wij voor een stabiele werkvloer die veilig berijdbaar is voor zwaar materieel.
Onze aanpak is erop gericht dat de funderingsaannemer zonder vertraging kan starten. Door vooraf risico’s te identificeren en te beheersen, voorkomen wij stagnatie in de funderingsfase - een cruciaal moment in de planning van utiliteitsbouwprojecten.
Bij utiliteitsbouwprojecten voeren wij grondverbetering uit wanneer de draagkracht van de ondergrond onvoldoende is voor de beoogde funderingsconstructie. Als Van den Heuvel Engelen Infra baseren we deze beslissing op grondonderzoek, bodemrapportages en de eisen vanuit het bouwteam.
Onze grondverbeteringsaanpak:
Door deze aanpak waarborgen we dat de ondergrond functioneel en technisch voldoet aan de eisen voor zwaar utiliteitsbouwverkeer en belasting.
Tijd winnen bij bouwrijp maken utiliteitsbouw betekent minder faalkosten, hogere planningbetrouwbaarheid en snellere doorstart van de bouw. Van den Heuvel Engelen Infra optimaliseert snelheid door een combinatie van procesdenken, materieel en capaciteit:
Deze aanpak minimaliseert stilstand en versnelt realisatie van het bouwrijp maken, wat direct verloopt in een soepelere doorstart voor bouwpartners.
Bij brownfield-projecten - terreinen waar nog gebouwen of gebruikssporen aanwezig zijn - voeren wij indien nodig saneringswerkzaamheden uit voordat bouwrijp maken start. Als Van den Heuvel Engelen Infra integreren wij sanering, sloop, bouwrijp maken en grondwerk in één doorlopende uitvoeringslijn.
Onze aanpak voor brownfield-projecten:
Zo verkleinen we risico’s op vertraging, onvoorziene meerkosten en complexe coördinatie tussen verschillende aannemers.